ons avontuur

We wilden nog ‘iets geks’ doen in ons leven en dat werd een vakwerkhuis in Kröv, waar we sinds 2008 aan het werk zijn. Het pand bestaat uit 3 delen. Het oudste deel is uit '1600 en nog wat', dan een deel uit 1779 en tenslotte de "nieuwbouw" van ergens tussen 1779 en 1820. Onze werkvolgorde kan vreemd over komen; dit komt omdat we er ook in willen wonen en dus wordt er ook aandacht aan het “wooncomfort” besteed.

Archief

Vide

Boven de keuken en de koeienstal hebben we de nieuwe woonkamer gepland. De vloer daarboven is er waarschijnlijk nooit geweest en die komt er ook niet. We willen de oude balken laten liggen en aan de ene kant een soort vide maken. Via deze vide kunnen we dan naar de ‘puntkamer’. De andere kant blijft open en het is de bedoeling dat je tussen de balken door naar het dak en de vakwerkwaaier kunt kijken. De binnenkant van het dak krijgt een ‘old look’, want we willen het nieuwe dak aftimmeren met de oude dakplanken en -balken. 

2007 – 2018

Dit kom (misschien) nog wel een keer.

2019

28 april 2019 – voor vandaag stond er een geluidsarm karweitje op het programma, het ontspijkeren van de oude dakbalken. We hebben weer 5 balken schoon gemaakt en daar kwamen de nodige spijkers vanaf, zowel meer dan 100 jaar oude gesmede spijkers als moderne getrokken nagels. 

We willen ze gebruiken om het nieuwe dak oud te maken en we hebben er nog een stuk of 15-20 te gaan. Genoeg dus om nog de nodige geluidsarme dagen te vullen.

16 mei 2019 – de vorige keer hadden we een paar oude balken ontspijkerd en als tussenkarweitje zijn we hiermee verder gegaan. We hebben er 3 schoongemaakt met de roterende staalborstel (die nu bijna helemaal versleten is) en daarvan hebben we er 2 geïmpregneerd. Een groot deel van de werkplaats is bedekt met een laagje donker stof, dus kunnen we met de stofzuiger aan de slag.

19 mei 2019 – van de 5 dakbalken die we schoongemaakt hadden waren er pas 2 geïmpregneerd en de andere 3 hebben we nu ook gedaan. De volgende keer als alles droog is kunnen ze naar boven naar de voorraad. Er liggen er nog een stuk of 20 te wachten, dus we kunnen nog even vooruit.

31 mei 2019 – na een rondleiding, hebben we in de puntkamer en de vide bekeken en overlegd hoe we bepaalde dingen zouden kunnen maken en afwerken.

Het grootste karwei lijkt een stuk vakwerk te zijn wat tussen de puntkamer en de vide moet komen. De wand is daar namelijk maar ongeveer 2,5 meter hoog en in de punt erboven zit niets.  Ook hebben we overlegd over het tussenvloertje in de puntkamer en de afwerking van de binnenkant van het schuine dak en de gevel.

6 juni 2019 – we hebben ons gestort op de vakwerkwand tussen puntkamer en vide. Deze wand is gevuld met leemwikkels, maar die zijn in de loop van de eeuwen uitgezakt en vervormd. Een vak aan de zijkant was -waarschijnlijk naderhand- gevuld met halve bakstenen. Dit hebben we er allemaal uitgehaald om het opnieuw te gaan vullen met leem.

10 augustus 2019 – voor het te vullen vak hebben we de resterende leemstenen op maat gezaagd. Er zit geen één steen bij die niet gezaagd hoefde te worden. Na wat noeste zaagarbeid lagen ze allemaal in het vak en klaar om gemetseld te worden. Ook hebben we nog de nodige extra leemstenen in de puntkamer gelegd, want t.z.t. moet er nog meer vakwerk gevuld worden.

10 oktober 2019 – volgende maand komen de dakdekkers als het goed is en wordt de helft van het dak voorzien van een nieuwe dakbedekking en 2 dakramen. Onder de plaats waar de dakramen komen is geen vloer, maar alleen wat oude balken met een voorraad planken erop.

Voor het geval de dakdekkers toch wat werk van binnenuit moeten doen, hebben we de planken verplaatst en wat OSB-platen onder de toekomstige dakramen gelegd. We moeten er t.z.t sowieso bij kunnen aan die kant om de planken erop te zetten.

2020

27 juni 2020 – door de nieuwe dakramen is het nu licht op de vide en de lucht die we nu zien is zo bedoeld. Dit in tegenstelling tot de lucht die we jaren geleden zagen door het ontbreken van vloeren en stukken dak.

7 juli 2020 – ondertussen hebben we op de vide een steiger gemaakt, om de andere kant van het puntkamer vakwerk te herstellen. Vorig jaar hebben we de kant van het vakwerk in de puntkamer hersteld en nu is de buitenkant aan de beurt. Er ligt daar geen vloer (en die komt er ook niet) en daarom is er een steiger nodig.

Als eerste moeten de grootste gaten in de lemen vakwerkvulling worden gedicht. Hiervoor gebruiken we leem wat we jaren geleden (in 2014) uit andere delen van hetzelfde vakwerk hebben gehaald. Al die jaren heeft het leem onder een zeil in de tuin geleden, maar het is nog steeds prima bruikbaar.

8 juli 2020 – op de vide gingen we verder met de reparatie van de lemen vakwerkvulling. De kleinere gaten worden met een soort troffel opgevuld met leem en bij de grotere slechte stukken wordt het leem er tegenaan gegooid (= ‘Anwerfen’), zodat het overal goed tussen zit.

9 juli 2020 – we hebben ook weer gekeken en overlegd hoe we het vakwerkje in de punt willen maken. Dit ruimte is altijd open geweest, maar wij willen die dicht maken. We gaan een tekening maken en de volgende keer een nepvakwerk van planken maken om te kijken of het iets is. Als het kan maken we er ook een klein deurtje in.

Bij het vervolg van het repareren van de lemen vakwerkvulling op de vide werd weer gebruik gemaakt van leem wat in 2014 uit hetzelfde vakwerk gekomen was, toen we de doorgang gemaakt hebben. Vlak naast de doorgang is de vulling het slechtst, het lijkt wel of de leemwikkels er in gezet zijn, zonder het daarna af te werken. Het grofste werk schiet aardig op en daarna kunnen we beginnen met de Unterputz. De eerste van de 3 lagen leemstuc.

10 juli 2020 – het werk was grotendeels een kopie van gisteren, al was op de vide het leem vervangen door Unterputz. Dit is een goed teken, want deze onderste en grofste laag leemstuc is de eerste stap op weg naar een gerepareerde leemwand.

De resterende latjes die over waren van de puntkamer hebben we op de dakbalken van de vide gezet, want ook daar moet er een ventilatiespleet komen tussen het dak en de isolatie. Voorlopig is dit nog niet aan de beurt, maar ooit moet het toch een keer gedaan worden. Alles wat we nu doen hoeven we straks niet te doen.

11 & 12 juli 2020 – als laatste karweitje hebben we een tekening gemaakt van het vakwerkje wat in de punt boven de vide komt. We hadden al besloten om eerst een nepvakwerk te maken en nu weten we hoe dat er uit zou moeten zien.

24 juli 2020 – de werkdag begon met het aanmaken van Unterputz. Dit is een grof leem stucmiddel, wat als eerste op de lemen vakwerkvulling gaat. Die leemvulling is op veel plaatsen erg slecht, hobbelig en enorm stoffig. Op de slechtste stukken van de eerste 3 vakken zit nu Unterputz, morgen gaan we hiermee verder.

Om het kantelen van de nokbalk boven de vide te voorkomen zit (wij denken dat dit wel meevalt, maar het is een bouwvoorschrift) er aan de beide uiteinden een soort van gaffel. Die bestaat uit 2 balkjes die met draadeinden aan weerszijde van de staanders zitten, met de nok ertussen. Aan 1 kant hebben we die wat verplaatst zodat het in de toekomst verscholen zit achter het vakwerk in de punt van de vide.

Vorige keer hadden we het vakwerk je voor bovenin de punt van de vide getekend. Om een idee te krijgen van hoe dat er uit ziet, hebben we nu van planken een soort van nepvakwerkje gemaakt.

Helaas gaf dit niet echt een goed beeld; de planken hadden niet de juiste breedte en – nog belangrijker – de planken en de oude dakbalk aan de binnenkant van het dak ontbraken. We hebben het maar weer afgebroken en gaan eerst de dakbalk er tegenaan zetten.

Het idee is om tegen de planken aan de binnenkant van dak oude balken te zetten, zodat het er enigszins uit ziet als een oud dak. Overal kunnen we de oude dakbalken op de nieuwe schroeven, maar hier niet. Hier zit die net tussen 2 balken in en moet er iets gemaakt worden om de balk op vast te schroeven.

25 juli 2020 – evenals gisteren begon de werkdag begon met het leemstucen van het vakwerk van de vide. Er ging weer de nodige Unterputz op en aan de linkerkant van de toekomstige deur schiet het aardig op. Hoe het uiteindelijk afgewerkt gaat worden weten we nog niet. Het wordt geen wit, zoals in de koeienstal en puntkamer, maar leem lijkt ons te stoffig.

Voordat we oude dakbalk kunnen vastmaken moet eerst het strookje dak (20 cm breed en ca. 6 m lang) erachter geïsoleerd worden. Ook hier willen we een geventileerd dak hebben en om te voorkomen dat de steenwol tegen het dak zit, gaan we stroken OSB tussen de 2 balken zetten. Bij de rest van het dak worden het houtvezelplaten, maar die hebben we nog niet.

Voor de bevestiging van de dakbalk komen er 4 kleine dwarsbalkjes van 8 cm, dik  tussen de balken. Om te kijken of dat te doen is, hebben er 1 opgezet, de andere 3 komen de volgende keer.

26 juli 2020 – we hebben de volgende serie tochtgatvloerstukjes opgemeten, die we thuis gaan maken. Dit keer (hopelijk) zonder meetfouten.

1 augustus 2020 – er stond weer huiswerk op het programma; we hebben de resterende 14 stukjes OSB-vloer gemaakt die de tochtgaten tussen de balken van de vide moeten gaan afdichten. Daarnaast hebben we wat latjes gezaagd voor het ventilerende dak van de vide.

7 augustus 2020 – verder met het vakwerk, voor de middag zat er al weer 5 kilo Unterputz op het vakwerk van de vide. De linkerkant schiet aardig op, zeker als er na de middag weer 5 kilo op gaat. De rechterkant moet ook nog, maar daar moet eerst een steiger komen.

De meegenomen latjes voor het ventilerende dak moesten nog in de lengte doorgezaagde worden. Dat hebben we gedaan en daarna hebben we er meteen wat op de balken gezet, voor zover we erbij konden. De rest doen we als er een steiger staat.

8 augustus 2020 – doordat de steiger verlengd is, kunnen we nu ook aan de rechterkant van het vakwerk werken. Dat is hard nodig, want die kant is aanzienlijk slechter dan links. Om te kunnen zien hoe het was hebben we een beginfoto gemaakt.

Uit onze voorraad oude leem hebben we weer een paar emmers gehaald en daarmee de grootste gaten gedicht. Dit is letterlijk handwerk, wat op dezelfde manier gaat als bij de nieuwbouw honderden jaren geleden.

De ergste gaten van de 2 vakken naast de doorgang zijn gedaan. Als het droog is, kan de volgende lading er op, net zo lang tot het min of meer vlak is. Dan wachten tot het droog is en dan begint de afwerking, met als eerste een laag Unterputz.

Gelijktijdig hebben we ook aan het vakwerkje boven de vide gewerkt. De resterende 3 dwarsbalkjes zitten nu tussen de sparren, met daarop een plankje. Hier komt een oude spar op en het extra plankje moet ervoor zorgen dat de planken waarmee we het aftimmeren er nog tussen kunnen.

De nieuwe middenstaander is dikker dan het oude vakwerk en steekt dus wat uit. Om dit te compenseren, komt er een extra plankje op de staander. Dit wordt dan de buitenmaat van het vakwerk en het is ook handig om tegenaan te stuken. We hadden nog een stuk oud eikenhout en dit hebben we in de lengte door midden gezaagd en op de staander gezet.

Om er zekerder van te zijn dat we de oude balk goed afzagen hebben we voor de uiteinden mallen gemaakt van OSB. Die hebben het juiste verstek en daarmee kunnen we de balk afzagen. Het grootste deel van de 8,5 cm dikke balk ging met de cirkelzaag en het resterende deel hebben we ouderwets met de hand gedaan. Aan 1 kant zat nog een verstopte spijker waarmee vroeger de planken zijn vastgemaakt. Gelukkig kostte dit geen zaagblad.

Bij de eerste test paste de balk, maar zat er een stuk hout in de weg. Met hamer en beitel een hap uit oud eikenhout halen gaat prima. Het hout is weliswaar keihard, maar het splijt vrij recht en is makkelijk glad te maken. Toen dit gedaan was kon de balk er definitief in. Met lijmklemmen hebben we de balk op de juiste plaats getrokken. Hij zit op zit behoorlijk klemvast, maar we gaan hem nog vastschroeven.

10 augustus 2020 – de werkdag begon met het egaliseren van het vakwerk op de vide met oude leem. Er ging weer het nodige leem op, de slechtste stukken zijn klaar en we zijn uitgeleemd, De eerste afwerklaag met Unterputz (grof leemstucmiddel) staat nu op het programma.

In 1 vak zijn de leemwikkels nog duidelijk te herkennen. Dat laten we vooralsnog zo, zodat je kunt zien hoe dit soort wanden destijds gemaakt werden. We moeten alleen nog een goede manier vinden om de stoffige bovenlaag van het leem te fixeren.

11 augustus 2020 – ’s ochtends is het boven nog enigszins uit te houden, maar al vrij snel wordt de 30 graden gehaald en niet lang daarna de 35+. We werken daarom vooral ’s ochtends aan het vakwerk en vandaag stond er stuken met grove leem op het programma. Met deze eerste laag (van de 3) wordt de vakvulling vlakker, maar nog niet scheurvrij en glad.

Nu de oude balk erop zat zijn we weer wat vakwerk ideeën gaan simuleren met plankjes. We zijn weer wat verder, maar zijn er nog niet uit hoe we de bovenkant gaan doen. Morgen verder.

12 augustus 2020 – het eerste karwei van de dag was 2x 5 kilo Unterputz op het vakwerk van de vide doen. De rechterkant schiet nu ook aardig op en morgen zou de laatste emmer erop kunnen. Het ziet er veel beter uit dan een week geleden.

13 augustus 2020 – na het uitladen en opbergen van de geleverde materialen konden we “echt” aan het werk en dat begon met de laatste Unterputz op het vakwerk van de vide. Het grove werk is gedaan. We kunnen nu verder met de Oberputz en hebben meteen het eerste vak gedaan. De Oberputz is minder grof, waardoor het er meteen al afgewerkter uitziet.

14 augustus 2020 – van het vide vakwerk stond het vervolg van de Oberputz op het programma. De middelste van de 3 lagen leemstuc. We zijn nu wat aan het experimenteren met het gladmaken van leem met een kwast en water. De afwerking van deze kant van het vakwerk wordt anders dan aan de kant van de puntkamer. Daar is de wand wit gemaakt met leemverf. Aan deze kant willen we de leemkleur laten zien en gaan kijken of het afwerken met waterglas iets is.

15 augustus 2020 – de werkzaamheden waren grotendeels een kopie van gisteren. Op de bovenste verdieping kwamen er weer de nodige kilo’s Oberputz op het vakwerk. Van afstand zie je weinig verschil, maar als je dichterbij komt zie je duidelijk de strootjes in de Unterputz zitten. In de veel fijnere Oberputz zitten die niet.

28 augustus 2020 – met het vakwerk in de vide zijn we verder gegaan waar we vorige keer gebleven waren. Er waren nog de nodige vakken waar Oberputz moet en dat zijn er na vandaag weer minder.

29 augustus 2020 – de werktemperatuur op de vide was prima en de Oberputz aan het linkerdeel van het vakwerk stond op het programma. We hebben weer een vak af en het volgende vak schiet ook al weer aardig op. De vakwerkvulling is hier veel minder vlak als in de puntkamer, waardoor het meer tijd kost om de Oberputz er goed op te krijgen.

31 augustus 2020 – de laatste Oberputz ging op het vakwerk. Daarna kon de waaier schoongemaakt en daarna geïmpregneerd worden. Vuil van de afgelopen honderden jaren en recente leemklodders kwamen eraf en na het impregneren had het vakwerk weer een fris uiterlijk. Dit blijft niet zo heel lang, want de impregneerolie droogt op.

1 september 2020 – het hout van dit vakwerk  laten we zoals het is; er komt geen verf of beits op. Wel wordt het geïmpregneerd (tegen schimmel en ongedierte) en dit hebben we vandaag afgemaakt.

Daarna komt er lijnolie op, waardoor de tekening van het hout beter zichtbaar wordt en het hout een fractie donkerder wordt. Om te voorkomen dat er lijnoliespetters zichtbaar blijven op de vakwerkvulling, doen we eerst de lijnolie en daarna de laatste laag leemstuc.

Deze 3e en laatste laag is de zogenaamde Feinputz en zoals de naam al aangeeft is het erg fijn. Het is 100% leem zonder stro en wordt als afwerklaag gebruikt, die in het zicht blijft.

2 september 2020 – het werk was een voortzetting van gisteren. Het aanbrengen van de Feinputz is een vrij tijdrovend karwei, het moet er in een dunne gladde laag op en geeft het leem van de vakwerkvulling z’n definitieve uiterlijk.

3 september 2020 – aan de videkant van het vakwerk tussen de puntkamer en de vide stond het vervolg van de Feinputz op het programma. Dit is een tijdrovend karweitje, zeker gezien de onregelmatigheid van het hout en de vakwerkvulling.

5 september 2020, nadat we gisteren aan de kant van het vakwerk in de puntkamer gewerkt hadden, was nu de vide weer aan de beurt. Ook hier zit er nu weer Feinputz op een deel van de vakwerkvulling. Nu de (meteorologische) herfst begonnen is en het koeler en windiger wordt, komt het goed uit dat het aantal tochtgaten in de vide afneemt.