ons avontuur

We wilden nog ‘iets geks’ doen in ons leven en dat werd een vakwerkhuis in Kröv, waar we sinds 2008 aan het werk zijn. Het pand bestaat uit 3 delen. Het oudste deel is uit '1600 en nog wat', dan een deel uit 1779 en tenslotte de "nieuwbouw" van ergens tussen 1779 en 1820. Onze werkvolgorde kan vreemd over komen; dit komt omdat we er ook in willen wonen en dus wordt er ook aandacht aan het “wooncomfort” besteed.

Archief

20 oktober 2023 ‘valse/losse tappen’

20 oktober 2023 – een kille ochtendnevel en een temperatuurverwachting van 12 tot 16 graden, met wind en regen is de voorspelling voor vandaag; gelukkig werken we binnen.

De lijmpoging van de terrasbalk-/plank bleek geslaagd, maar toch duurde het nog even voor die op de behandeltafel lag om donkerder gemaakt te worden. Het hout was jarenlang als steigerplank gebruikt en dat had de nodige sporen in de vorm van beschadigingen nagelaten. Dit douglashout is grof constructiehout en op zich vrij zacht. De splinters bij de beschadigingen zijn weggeschuurd en dat het hout er hierdoor wat rustieker uitziet, is in dit huis alleen maar een voordeel.

Verder met het achtergevelvakwerk. Na wat gebeitel was het gat voor de losse tap aan de bovenkant van de staander af en kon de tap gemaakt worden. Omdat dit de eerste is, hebben we eerst een proeftap van vurenhout gemaakt. Die paste goed in de staander en ook buiten in de bovenbalk van het vakwerk.

Van het blokje eikenhout – wat ook op de foto staat – kunnen een aantal tappen gemaakt worden. We maken ze met een overmaat van 2 mm en daarna precies op maat per verbinding. Voor het vakwerk van badkamer2 en het terras moeten nog de nodige losse tappen gemaakt worden en het is de moeite waard om te kijken naar de beste methode om de gleuf te maken.

Met een Forstner boor en beitelen gaat het wel, maar het zou sneller moeten kunnen.

Als alternatief begonnen we de volgende met de decoupeerzaag, maar na een veelbelovend begin had de zaag toch teveel moeite om recht en haaks door 14 cm dik eikenhout te komen. De volgende poging was met de invalcirkelzaag. Een proefzaagsnede van 25 mm ging nog goed, maar daarna was het verticaal zagen toch te lastig.

Als laatste hebben we het eerste stuk met de handzaag gedaan en daarna met de decoupeerzaag. Dat ging op zich nog niet zo slecht. Aan het eind (of de onder-/bovenkant) hebben we paar gaatjes van 10 mm geboord en daarna met een beitel het bonkje eruit geslagen. Voor deze staander zit het erop, bij de volgende kijken we wel weer verder.

Aan de bovenkant zit de staander met een losse tap aan de bovenligger, die er nog in zit. Aan de onderkant zit ook een losse tap in het nieuwe stuk onderbalk wat we al eerder gemaakt hebben. Hierin is nu ook een tapgat gemaakt voor de losse tap. We kunnen nu aan de hoek beginnen, met een behoorlijk zware staander en de nodige schoren (schuine balken).

De losse tappen worden met houten pennen aan de balk vastgemaakt. Aan de kant waar normaal ook een pen zit, komt een vakwerkpen. Aan de andere kant, waar normaal geen pen zit, komt een rond stuk eikenhout van 20 mm, wat afgezaagd wordt op de balk, zodat je het niet of nauwelijks meer ziet als het vakwerk Oxenblutrot geverfd is.

De verbindingen hoeven ook niet van meubelmakerskwaliteit te zijn, want uiteindelijk is alleen de voorkant zichtbaar als de vakken gevuld zijn. Van belang is, dat de voorkant van al het hout zoveel mogelijk gelijk is en een centimeter meer of minder verschil aan de achterkant maakt niet uit. In bepaalde tappen moet ook wat speling komen, om het erin te krijgen. Het deel van het vakwerk dat er nog in zit staat namelijk behoorlijk scheef en het vernieuwde stuk moet hierop aansluiten.