ons avontuur

We wilden nog ‘iets geks’ doen in ons leven en dat werd een vakwerkhuis in Kröv, waar we sinds 2008 aan het werk zijn. Het pand bestaat uit 3 delen. Het oudste deel is uit '1600 en nog wat', dan een deel uit 1779 en tenslotte de "nieuwbouw" van ergens tussen 1779 en 1820. Onze werkvolgorde kan vreemd over komen; dit komt omdat we er ook in willen wonen en dus wordt er ook aandacht aan het “wooncomfort” besteed.

Archief

13 oktober 2020 ‘Oxenblutrot‘

HIER ZIJN WE MEE BEZIG

12 oktober 2020 ‘it giet oan!’

12 oktober 2020 – normaal wordt de term ‘it giet oan’ voor de Friese Elfstedentocht gebruikt. Wij hebben ook zo’n “evenement” wat al jaren op de planning staat, wat eerder dit jaar afgeblazen werd en waarvan het doorgaan nu ook allerminst zeker was: het Schieferdak op het achterste deel van het huis en in de punt van de achtergevel.

Iets voor 9 uur stonden de dakdekkers voor de deur met een auto vol met steigermateriaal. De eerste helft van de dag waren ze bezig met het bouwen van een ca. 9 meter lange steiger aan de zijgevel en een ongeveer even lange -maar wel aanzienlijk hogere- steiger aan de achtergevel. Toen de steiger bruikbaar was, kon de oude dakleer eraf. Dit zat er inmiddels dubbel zo lang op als de bedoeling was en was duidelijk aan het eind van de bruikbaarheid. Onder de Schiefers komt een laag waterdichte (van buiten naar binnen) maar dampdoorlatende (van binnen naar buiten) folie.

Nadat de dakbedekking eraf was, kon je goed zien hoeveel de planken van het dak in de loop der jaren gekrompen waren tijdens het drogen. Bij het maken hadden we ze tegen elkaar aan gelegd en nu zaten er spleten tussen. Spleten waar licht doorheen kwam en niet veel later ook regen, vergezeld door een regenboog boven de wijnbergen. Gelukkig lagen de zeilen er bonnen nog en kon het water niet veel kwaad. De dakdekkers stopten met het verwijderen van de oude dakbedekking en ging eerst de folie erop doen.

Behalve werk aan het dak hebben we tussendoor ook wat balken van het vakwerk geïmpregneerd. Ook dit duurt meerdere dagen, want elke dag kan er maar 1 laag op.

Toen de werkdag van dakdekkers erop zat konden wij aan de slag, want om de 2 lagen Oxenblutrot op de dakkapellen te krijgen moesten we vandaag en morgen verven. Daarna liggen er leistenen en is het dak niet goed begaanbaar meer. De tijd van het jaar brengt een vroege schemering met zich mee en dus ging de laatste verf erop in het licht van een bouwlamp die we op de steiger gezet hadden. Niet ideaal, maar het gaat niet anders.

Een verfkarweitje waar iets meer tijd voor is, zijn de overstek van het dak aan de achtergevel en de beschermrand boven het vakwerk van de achtergevel. In de punt van de achtergevel komen weliswaar Schiefers, maar pas als het dak klaar is. We hebben dus minimaal een week extra de tijd. Ook hier komt eerst een laag Halböl op (vandaag) en daarna in de komende dagen minstens 2 lagen Oxenblutrot.

11 oktober 2020 ‘vergeten werk op knotvlierdag‘

11 oktober 2020 – met 6 tot 14 graden was het weer een graadje kouder. Geen probleem als je binnen aan het opruimen bent, maar een ander verhaal als je buiten op het dak staat.

Normaal werken we op zondag eigenlijk niet en als we dat toch doen, dan zijn het rustige karweitjes binnen. Vandaag dus niet, want we waren min of meer vergeten om de buitenranden van de dakkapellen Oxenblutrot te maken. Nu kan dat relatief makkelijk, maar als de Schiefer erop zitten, dan kan het niet meer.

Op het hout wat in het zicht blijft moeten minstens 3 lagen komen; eerst Halböl als ondergrond en daarna minstens 2 lagen lijnolieverf. Rekening houdend met de droogtijden van 8 tot 24 uur, duurt het 3 dagen voordat alles gedaan is. Vandaag dus de Halböl en dan hopelijk in de komende dagen de verf. De binnenkant van de achterste dakkapel hadden we gisteren in de olie gezet, dus daar kon vandaag de eerste laag verf op.

Behalve de binnenrand moest ook de binnenkant van de overstek worden gedaan en het boeiboord aan de zijkanten van de dakkapellen. Hiervoor moesten we het dak op, iets wat we al vaker gedaan hebben. Om beschadiging van het kozijn te voorkomen hebben we een tijdelijke bescherming gemaakt van wat planken.

Bij de achterste dakkapel zaten de sta- en ladderlatten van de bouw destijds er nog. Ze voelden nog redelijk stevig aan, maar voor de zekerheid hebben we er toch wat lange schroeven ingedraaid op de plaats waar we dakladders wilde neerleggen. Bij de voorste dakkapel zaten er geen latten meer voor het raam, dus hebben we die erop geschroefd.

Onze kleinste dakladder was net een paar centimeter te lang, maar omdat het hout is, was er snel 5 cm afgezaagd. Met de dakladders op de ladderlatten konden we overal redelijk goed bij en binnen redelijke tijd zat er op al het hout waar dat nodig was een laagje Halböl.

Na het werk aan de dakkapellen was er nog tijd om het werk te doen wat we eigenlijk van plan waren vandaag, de jaarlijkse snoeibeurt van onze vlierbessenboom. Van deze ‘knotvlier’ knippen we jaarlijks alle takken af die dat jaar zijn uitgeschoten. Doe je dit niet, dan is het binnen een paar jaar weer een boom die bij ons en bij de buren op het dak hangt. Het voordeel is ook dat je de jonge takken relatief makkelijk kunt knippen en geen zaag nodig hebt. 

Toen we klaar waren begon het al aardig te schemeren, een mooie tijd om te stoppen.

 

10 oktober 2020 ‘afgeslankt vakwerkje‘

10 oktober 2020 – de temperatuur maakte een duikeling omlaag, want het zou niet warmer worden dan 8 tot 15 graden.

Aan de linker kant is een smal gangetje tussen ons huis en dat van de buren. De daken zitten zo dicht op elkaar dat er nauwelijks regen tussendoor kan. Om die reden hebben we het boeiboord van het dak niet geverfd, maar alleen maar geïmpregneerd. Het laatste deel zie je wel en daarom wordt dit Oxenblutrot, net als het vakwerk wat eronder komt.

Bij het slopen van de oude vakwerkwand is er in de hoek een staander blijven staan. Ook dit hout is niet meer 100%, maar omdat die half in het beton zit, maakt dat niet uit. Deze staander gebruiken we als richtpunt voor de rest van het vakwerk. Van alle staanders en liggers die we tegen de muur aan willen maken moet een paar centimeter af.  Normaal is het vakwerk ca. 11 tot 12 cm breed, maar dit afgeslankte vakwerk wordt maar 9 cm breed. 

Het was weliswaar frisser dan gisteren, maar we konden ’s middags toch buiten werken. We hebben de tuin opgeruimd, zodat we de vers gevallen kastanjes beter zien en opruimen, om  zo een kastanjeplantage in het voorjaar te voorkomen.

Een ander half buitenkarweitje, was het in de Halböl zetten van de binnenrand van de dakkapellen. Waar mogelijk komen Schiefer op de dakkapellen, maar dat kan niet overal en daar waar het niet kan maken we het hout Oxenblutrot.

Komende maandag komen de dakdekkers en om de weg door de garage vrij te maken hebben we het e.e.a. opgeruimd en verplaatst.

9 oktober 2020 ‘aardig eiken‘

9 oktober 2020 – met 13 tot 21 graden werd het een redelijke herfstdag en als het niet geregend had, dan was het zelfs een mooie dag.

In de koeienstal stond nog wat afwerkwerk op het programma. De muur boven de deur naar de Scheune kreeg de laatste laag witte verf en de balk boven het vakwerk tussen koeienstal en keuken kreeg een meer eiken uiterlijk. Dit is een balk van Douglas hout die we al eerder gebeitst hadden en nu nog een laagje Wengé beits kreeg. Zelfs bij het tijdelijke Tl-licht ziet het er al beter uit en als de Tl t.z.t.  verdwijnt, dan ziet het er allemaal aardig eiken uit.

De onderrand van het stuk vakwerk wat op de linker muur boven het keukenraam moet komen is af en geïmpregneerd. De volgende behandeling is een laag Halböl (letterlijk ‘halfolie’), dit is een grondlaag voordat de lijnolieverf erop kan. Net als aan de rechterkant en achterkant krijgt het hout ook hier de kleur Oxenblutrot (tegenwoordig oxiderood, RAL 3009).

Het oude vakwerk wat hier ooit zat was slecht en moest vanwege bouwvoorschriften, bij de bestemmingswijziging van werkruimte naar woonruimte, worden vervangen door een stenen muur. Balken die mogelijk nog bruikbaar waren hebben we bewaard en daaruit gaan we nu een vakwerk(je) maken.

Omdat de oude tapgaten meestal niet op de goede plaats zitten en het geen dragende constructie is, gaan we een deel van het vakwerk met schroeven vast zetten. Als test hebben we 2 stukjes met 1 lange speciale schroef vastgemaakt en dit zat echt vast, geen beweging in te krijgen.

Uit de onderbalk waarop het vakwerk komt te staan moet over de hele lengte een stuk van de achterkant afgehaald worden. Dit is nodig omdat precies achter deze balk de muur verspringt. Het onderste deel van de muur staat ongeveer 4 cm naar worden en dus moet deze 4 cm achter uit de balk gehaald worden. 

8 oktober 2020 ‘herfstig‘

8 oktober 2020 – bij aankomst bleek de herfst definitief te zijn begonnen, want het was winderig en niet echt warm. In de woonkamer was het 15 graden en dus kon het kacheltje aan.

Tijd om te werken was er niet meer, maar dat komt volgende week wel. Dan komen namelijk de dakdekkers, die het nu lekkende dak definitief dicht gaan maken. Er komen leistenen oftewel ‘Schiefer’ op het dak, die er eeuwen geleden ook op lagen. Zelf kunnen we dat niet, want dit is echt vakwerk.

27 september 2020 ‘handwerk’

27 september 2020 – de bovengrens van de temperatuur was met 13 gelijk aan gisteren, maar de ondergrens lag met 8 graden voor het eerst beneden de 10 graden.

Het oogstseizoen van de wijndruiven komt op gang, zo ook bij de overbuurman. De vers geplukte druiven moeten zo snel mogelijk in de pers om het sap eruit te persen. Tegenwoordig gaat dat bijna zonder uitzondering met een automatische elektrische pers, maar niet bij de overbuurman. Hij perst de druiven met de hand in een oude gerestaureerde wijnpers, die niet zou misstaan in museum, maar hier nog ‘in het echt’ gebruikt wordt. Omdat de menselijke kracht het verliest van de elektrische kracht, worden takjes e.d. minder uitgeperst, wat de smaak ten goede komt. Uiteindelijk delft de elektrische methode dus het onderspit.  Het was leuk om te zien hoe er in al die jaren niets veranderd is.

Omdat het Coronavirus eerder dit jaar ons werk in Kröv onderbrak, is het niet uit te sluiten dat dit weer gebeurt. Het is moeilijk in te schatten wanneer we weer naar Kröv kunnen en het zou dan best winter kunnen zijn. Om vorstschade te voorkomen hebben we daarom de waterleiding afgetapt. Blijkt dat later niet nodig te zijn geweest, dan kun je beter wat water verspild hebben, dan een kapot gevroren leiding te moeten repareren. 

26 september 2020 ‘vakwerkwerkdag’ ‘

26 september 2020 – de temperatuur ging weer iets omlaag en het wordt vandaag 10 tot 16 graden.

Op de puntkamer kreeg een onderbalk een 2e laag notenbeits, waardoor het uiterlijk nog wat donkerder werd en het aardig in de buurt van eikenhout komt. We waren eigenlijk van plan om meer hout op deze manier te “vereiken”, maar helaas lijkt deze beits uit de handel genomen te zijn. We gaan nu op zoek naar een alternatief.

Nu we toch op de puntkamer aan het werk waren, hebben we meteen een deel van het vakwerk van de achtergevel geïmpregneerd. Dit is nog het originele eiken vakwerk van een paar honderd jaar oud. We laten dit deels in het zicht en als bescherming tegen van alles hebben we nu een deel schoon gemaakt en geïmpregneerd.

Het werk ging verder met het vakwerk tussen de puntkamer en de vide. Aan de kant van de vide houdt de vakwerkvulling z’n leemkleur. Ook laten we een paar Lehmwickel (leemwikkels) in het zicht. Dit zijn houten staken waar langdradig stro met leem omheen gewikkeld wordt en die daarna op elkaar gestapeld worden in de gleuven van de staanders van het vakwerk.

We hebben de rest van de grotere balken voor het optische vakwerk van de linker muur gezocht. Het eerste karweitje is behoorlijk stoffig, want met een roterende staalborstel maken we de balken schoon. Niet alleen vliegt er eeuwen aan stof en vuil door de lucht, maar ook de zachtere/slechtere delen van het hout worden weggemaaid door de staalborstel.

Nadat de balken ongeveer schoon waren en de slechtste stukken weg waren, kon de impregneerolie erop. Dit is een bescherming tegen schimmel en ongedierte en het is verplicht om dit op dragende houtconstructies te doen. Nu is dit weliswaar geen dragende constructie, maar het is niet de bedoeling dat het op korte termijn “weggeknaagd” wordt door ongedierte of schimmel. 

25 september 2020 ‘kouder’ ‘

25 september 2020 – de temperatuur deed wat voorspeld was en dook omlaag naar 11 tot 17 graden.

Het Het laatste vak van het vakwerk tussen puntkamer (toekomstige slaapkamer) en de vide kreeg een laag Feinputz en hiermee is het repareren van de vakwerkvulling ongeveer af. We gaan nog kijken of en waarmee we het leem afwerken om het minder stoffig te krijgen. Vanwege de authenticiteit gaan we de vakwerkvulling niet verven en het hout van het vakwerk trouwens ook niet.

Er zijn diverse balken die flink aangetast zijn door de tand des tijds, of beter, de tanden van ongedierte en schimmel. In het vakwerk van de vide zit bijvoorbeeld zo’n slecht stuk met een vrij diep gat. Dit steekt wel erg af bij de rest van het vakwerk en daarom hebben we het deels opgevuld met stukjes hout en zaagsel. Het ziet er nog steeds uit als een slechter stuk, maar minder diep en in de kleur van de rest.

Op diverse plaatsen is de houtconstructie vernieuwd en daarbij zijn nieuwe Douglas balken gebruikt. Dit steekt soms wel erg nieuw af bij de oude eiken balken. We zijn aan het kijken met welke beits het Douglas hout het beste eiken uiterlijk krijgt. Vandaag stond de notenbeits op het programma en de onderbalk in de puntkamer ziet er nu een stuk eikenachtiger uit.

Boven de keuken hebben we minder last van een te nieuw houten uiterlijk, want dat vakwerk en boeiboord wordt Oxenblutrot (Oxiderood). De laatste planken hebben we vandaag gezaagd en geschuurd en ze daarna meteen geïmpregneerd. Daarna zijn we verder gegaan met de onderplank; deze ligt op de muur en daarop liggen dan weer de vloerbalken en de vakwerkwand. 

Uit de afzichtelijke originele oude plank hebben we een bruikbaar stuk gezaagd. Om de maten op te kunnen meten op de muur, moesten we eerst wat beton weghakken, wat daar bij het maken van het ringanker terecht gekomen was.

 

 

 

 

24 september 2020 ‘in de olie‘

24 september 2020 – vandaag was het 17 tot 22 graden en misschien wel de laatste keer van dit jaar dat we buiten gegeten hebben.

Het weer was mooi genoeg om buiten te werken en hebben een deel van de voegen van de tuintrap uitgekrabd; op sommige plaatsen zaten er wat losse stukjes in. Over de oorzaak hebben we alleen een vermoeden. We hopen dat het nu beter gaat met ander voegmiddel wat hiervoor geschikt zou moeten zijn. Even afwachten.

Bij de reparatie van de krokodillenbek lekte er nog wat water tussen de tanden door. Met een restje voegmiddel hopen we dat het “gezever” nu voorbij is en dat er voortaan een mooi straaltje uit de krokodillenbek stroomt. Als het voegmiddel droog is, dan kunnen we het testen.

Bij de linker muur hebben we de steiger verbreed met een extra staander met poot. Het is nu stabiel genoeg om op te werken en we zouden overal nu goed bij moeten kunnen.

Van het afzichtelijke stuk hout voor de onderplank hebben we een hopelijk bruikbaar stuk afgezaagd. Bij het doorzagen bleek wat we al dachten, de kern is nog prima en het lijkt wel nieuw hout.

De resterende tijd hebben we besteed aan het in de lijnolie zetten van het vakwerk op de vide. Het ziet er een stuk mooier uit en we doen dit bewust voordat de Feinputz erop komt, om te voorkomen dat er druppels lijnolie op spetteren.